Rauwe Voeding

Rauw vlees heeft een hoge zuurtegraad. Daardoor neemt de kans op parasieten, infecties en ziekten af. Bij dieren die van jongs af aan op rauwe vleesvoeding staan, worden zelden blaas en nierproblemen vastgesteld.

Als u rauw voert, geeft u het voer dat door de natuur bedoeld is. De hond heeft namelijk nog steeds hetzelfde spijsverteringsstelsel dan de wolf. Hij krijgt met rauw voer de juiste bacteriën en enzymen binnen en die bevorderen de algemene gezondheid.

In tegenstelling tot wat er door voerfabrikanten beweerd wordt, krijgt uw hond of kat wel degelijk tandplak van brokken. Eet maar eens een droge koek. Die blijft ook aan onze tanden kleven.

Bij een kipfilet is dit niet het geval toch? Vaak wordt er gewezen op het gevaar van de salmonella bacterie. Die krijgt je hond/kat door het eten van besmette voeding of via ontlasting van andere besmette dieren. In beide gevallen hebben de dieren een verminderde weerstand.

Het is wel belangrijk de nodige aandacht te besteden betreffende de hygiëne (zie Hygiëne). Honden horen een zeer zuur maagzuur te hebben van PH1. Hierin kunnen geen bacteriën overleven. Salmonella kan overleven bij een PH-waarde tussen de 6,5 en 7,5. Het niet hebben van een zuur maagzuur draagt dus bij tot de vermenigvuldiging van bacteriën. Om even de vergelijking te maken met brokken mag u stellen dat een brokkenhond aan een PH-waarde komt van ongeveer 6. Bij het eten van KVV zal de PH-waarde niet stijgen boven de 3.